Pigmenten in kunstenaarsverf

Wie schildert gebruikt kleuren, of dit nu aquarelverf is of acryl of olieverf , geen kleuren zonder pigmenten. Afhankelijk van het soort verf gebruikt men ook bindmiddelen. Uiteraard zijn aquarelverf, acrylverf en olieverf niet hetzelfde maar het basisprincipe is dat er pigmenten en bindmiddelen worden gebruikt. Over de bindmiddelen zal ik later spreken want ook daar zijn er verschillende soorten, naargelang de kwaliteit van de verf.

 

Uiteraard is het zo dat de hoeveelheid pigment in verf de prijs bepaald, minder pigment en meer bindmiddel drukt de prijs omlaag, heel veel pigment zal de prijs doen stijgen.

Fabrikanten van verven zijn volgens de Eu verplicht om aan te geven welk(e) pigment(en) er in de verf zit, Het percentage van pigmenten is uiteraard een goed bewaard geheim en dat krijg je als particulier nooit te zien.

 

Pigmenten zijn onderverdeeld in organische en anorganische pigmenten.

 

Organische pigmenten bevatten koolstofverbindingen en waren oorspronkelijk afkomstig van dieren of planten. Vanaf de opkomst van de chemische industrie (sinds ongeveer 1950) worden ze synthetisch gemaakt. Bekende voorbeelden van organische pigmenten zijn sepia (dierlijk) en kraplak (plantaardig). Bekende voorbeelden van synthetische organische pigmenten zijn: alizarine, azopigmenten (het gele, oranje en rode kleurgebied), ftalocyanine (blauwe en groene kleurgebied) en quinacridone (een lichtecht roodviolet pigment).

 

Anorganische pigmenten werden oorspronkelijk gewonnen uit mineralen. Deze pigmenten bestaan meestal uit oxides van metalen. Bekende voorbeelden van, uit mineralen gewonnen, anorganische pigmenten zijn omber of , umber, rode oker en Rauwe sienna. Een ander pigment is cadmiumsulfide ofwel cadmiumgeel dat deel uitmaakt van de cadmiumpigmenten met kleuren die lopen via geel, oranje en rood naar kastanjebruin. Daarnaast bestaat kobaltblauw ofwel een mengsel van kobalt(II)oxide en aluminiumoxide. Titaanwit oftewel titanium(IV)oxide is eveneens bekend, net zoals zinkwit oftewel zinkoxide. Tegenwoordig worden anorganische pigmenten meestal synthetisch geproduceerd.

In de loop der jaren heel wat giftige pigmenten verdwenen, denk maar aan loodwit, orpiment (arseenverbinding), vermiljoen (kwikverbinding)...bepaalde pigmenten staan nu ook op de verdwijningslijst, zo staan cadmium, kobalt, nikkel pigmenten ter discussie en probeert men met imitaties de kleur te benaderen als lukt dat niet altijd zo goed. Bepaalde fabrikanten hebben nu al hun assortiment aangepast en bepaalde oorspronkelijke kleuren zijn onherroepelijk verdwenen. Nog andere fabrikanten gaan er prat op dat hun imitaties (meestal aangeduid met Hue) licht echter en dieper van kleuren zijn dan de originele kleuren.

 

Van pigmenten verwacht de schilder dat de kleuren die ermee gemaakt worden lichtecht zijn. Door de chemische vooruitgang is dat met veel kleuren het geval, echter zijn er nog altijd kleuren die niet of matig lichtecht zijn. Gelukkig vermelden de meeste leveranciers van goede afkomst de lichtechtheid op hun verpakkingen. Deze vermeldingen zijn werkelijk getoetst aan specifieke programma’s voor dat doel.

Ieder pigment heeft zijn specifieke eigenschappen en dat vertaald zich in de manier waarop kleuren zich gedragen, van heel transparant tot dekkend. Ook dat wordt goed vermeld op de verpakking als je kwaliteitsverf koopt.

Bij aquarelverf is het zelfs zo dat bepaalde kleuren zich specifiek gaan gedragen na vermenging met water zo zijn er kleuren die gaan korrelen of floculeren, granuleren. Daniel Smith heeft in zijn scala van 250 kleuren heel wat van die speciale tinten op de markt.

Fabrikanten van verf willen in tegenstelling tot vroeger een breed scala aan kleuren op de markt brengen, persoonlijk vind ik dat heel leuk omdat je bepaalde nuances kan aanbrengen in je werk zonder om de haverslag kleuren moeten gaan mengen.

 

Er zijn dus heel wat kleuren op de markt en daar schuilt een addertje onder het gras. Niet alle kleuren bestaan uit een pigment (mono pigment), er zijn dus kleuren die uit twee of meerdere pigmenten bestaan en dat kan bij het mengen van die bepaalde kleuren zorgen voor eigenaardige effecten. De mengkleur kan er modderig gaan uitzien doordat de kleuren reeds een mengeling zijn van verschillende pigmenten. Daarom is het aangeraden om enkel te gaan mengen met mono pigmenten, maar uiteraard kan je zelf gaan experimenteren, het kan tot eigenaardige kleuren leiden, en dat is steeds opnieuw een ontdekkingstocht…

 

Pigmenten worden onderverdeeld in kleurgroepen en hebben elk een eigen specifiek nummer dat wereldwijd wordt toegepast (Colour Index). Er bestaan talrijke websites waar je die lijsten kan gaan raadplegen velen zijn in het Engels, maar dat kan de pret niet derven.

Hier zie hoe de kleuren worden ingedeeld volgens pigment, met telkens een voorbeeld kleur.

Ik gebruikte als voorbeeld Sennelier l’aquarelle mono pigmenten

 

PW - White pigments Witte pigmenten (PW4 - Zinkwit) Zinkoxide

PY - Yellow pigments Gele pigmenten (PY3 – Echt cadmiumgeel citroen) Cadmium-

Zinksulfide


 

PO - Orange pigments Oranje pigmenten (PO73 – Sennelier Oranje) Pyroll oranje

PR - Red pigments Rode pigmenten (PR209 – Quinacridone rood) Stabiel rood quinacridon

PV - Violet pigments Paarse pigmenten (PV23 – Dioxaxine purper) Dioxazine

PB - Blue pigments Blauwe pigmenten (PB72 – Kobaltblauw donker)Kobaltzinkaluminaat

PG - Green pigments Groene pigmenten (PG17 – Chroomoxide groen) Chroomoxide

PBr - Brown pigments Bruine pigmenten (PBr7 – Gebrande omber) Ferrosoferric oxide geproduceerd uit ertsen die 25% mangaandioxide bevatten

PBk - Black pigments Zwarte pigmenten (Pbk9 – Ivoorzwart) Amorfe verkoolde botkoolstof

 

 

Via onderstaande knop kom je terecht op een webpagina die ik veel raadpleeg om pigmenten
op te zoeken.

 

 

 

 

 

Door op onderstaande knoppen te klikken krijg je de lijst van kleuren en pigmenten van desbetreffend merk. Je kan dit uitprinten of gratis downloaden